Regels

Dagelijks zijn wij met zeer velen bijeen in een school. Allen hebben wij er belang bij dat het leven van iedere dag geordend verloopt. Goede wil is er bij iedereen voldoende aanwezig, maar voor het goed functioneren van onze schoolgemeenschap zijn ook regels noodzakelijk.

1. Fietsen en bromfietsen dienen in de daarvoor aanwezige stallingen geplaatst te worden en beslist niet buiten het schoolterrein. De hoofdingangsdeur aan de Akerstraat is niet bestemd voor leerlingen.

2. Op het schoolterrein is gemotoriseerd verkeer van leerlingen niet toegestaan. Voorbijkomend verkeer dient niet belemmerd te worden en iedereen is uiteraard gehouden aan de verkeersvoorschriften.

3. Overeenkomstig de hiervoor bestaande wettelijke voorschriften zijn de leerlingen verplicht alle lessen te volgen die in het rooster zijn opgenomen. Zij die zich bij herhaling aan deze verplichting onttrekken, kunnen derhalve niet als leerling gehandhaafd worden. Indien een leerling een gegronde reden heeft om een of meer lessen niet bij te wonen, dient hij vooraf verlof te vragen aan de directie of coördinator. Leerlingen dienen een half uur na hun laatste schoolactiviteit het schoolterrein te hebben verlaten.

4. Van de leerlingen wordt verwacht dat zij alle meegegeven informatie die (mede) bestemd is voor hun ouders/verzorgers (zoals rapporten, schoolonderzoekregelingen, uitnodigingen voor ouderavonden, brieven over schoolactiviteiten enz.), zo spoedig mogelijk thuis afgeven.

5. De leerling dient op tijd in de les aanwezig te zijn. Een leerling die te laat komt, meldt zich rechtstreeks bij zijn docent in de klas.

6. Wie uit de les of studie verwijderd wordt, moet zich melden. De leerlingen van de bovenbouw melden zich in dat geval bij de coördinator of directie van zijn afdeling. De leerlingen van de onderbouw melden zich bij de schoolassistenten in de Windthal. Wie zich aan de opgelegde straf onttrekt, kan de toegang tot de lessen worden ontzegd.

7. Tijdens pauzes mogen de leerlingen in het algemeen niet in de klaslokalen of in de gangen blijven. De leerlingen van de 1e, 2e en 3e klassen blijven binnen het schoolterrein. Ze kunnen gebruik maken van de verblijfsruimte in de Windthal. De leerlingen van de 4e, 5e en 6e klassen kunnen tijdens de pauzes en tussenuren bovendien gebruik maken van de kantine en het studiehuis. Wanneer zij zich buiten het schoolterrein begeven, dienen zij voorbijgangers en buurtbewoners geen overlast te bezorgen.

8. De leerlingen behoren zich beschaafd en correct te gedragen. Alles wat de goede gang van zaken stoort of belemmert, moet vermeden worden.

9. Door ruwheid en zorgeloosheid veroorzaakte schade wordt op kosten van de leerling die hiervoor aansprakelijk is, hersteld. Vanwege het gevaar van lichamelijk letsel en van schade aan de vele ruiten mag op het schoolterrein niet gevoetbald, noch met sneeuwballen gegooid worden. Om schade aan het netwerk te voorkomen behoudt het systeembeheer zich het recht voor om in specifieke gevallen periodieke controles uit te oefenen op de netwerkbronnen. Schade veroorzaakt door computermisbruik wordt op de verantwoordelijke leerlingcode verhaald.

10. In en buiten de school moet men papier of ander afval gescheiden in de  afvalbakken deponeren.

11 In het schoolgebouw blijft het gebruik van etenswaren en dranken beperkt tot de daarvoor bestemde ruimten, nl. de Grote Studio, Windthal, Studiehuis Tweede Fase sector 1, Berekuil, gymnasiumhal en kantine. Jassen en petten horen thuis in de garderobe of kluisjes, maar niet in de klaslokalen. De kleding die men draagt, behoort correct en niet aanstootgevend te zijn. Audioapparatuur, mobiele telefoons en laserpennen zijn in het gebouw niet toegestaan.

12. Roken is in het schoolgebouw voor alle leerlingen niet toegestaan. Tijdens klassenavonden en andere leerlingactiviteiten voor de vierde en hogere klassen, die buiten de lesuren worden gehouden, geldt de volgende regel: er mag, op een daarvoor aangewezen plaats, alleen worden gerookt als dat van tevoren is afgesproken. Voor iedereen geldt onder alle omstandigheden de regel, dat hij of zij ophoudt met roken zodra anderen te kennen geven daarvan hinder te ondervinden.

13. Het is niet toegestaan alcohol te gebruiken of onder invloed van alcohol te zijn.
Op klassenavonden, feesten, werkweken en andere bijeenkomsten van de drie laagste klassen worden geen alcoholhoudende dranken geschonken. Op klassenavonden, feesten, werkweken en andere bijeenkomsten van klas vier en  hoger, kunnen in onderling overleg in beperkte mate zwak alcoholhoudende dranken worden geschonken. Het is niet toegestaan om tijdens lestijden, klassenavonden, feesten, werkweken en andere onder de verantwoordelijkheid van de school georganiseerde bijeenkomsten alcoholhoudende drank bij zich te hebben.

14. Het in bezit hebben, het gebruik van en de handel in cannabisproducten en overige drugs is ten alle tijden niet toegestaan.

15. Gokken om geld of goederen in welke vorm dan ook (kaartspelen, dobbelen enz.) is niet toegestaan. Ook is gokken tijdens bijeenkomsten die onder verantwoordelijkheid van de school worden georganiseerd, niet toegestaan. De directie kan een uitzondering maken voor het organiseren van kansspelen waarvan de opbrengst ten goede komt aan een goed doel. De school heeft de bevoegdheid door of vanwege de directie om, indien zij dat noodzakelijk acht, in het belang van de veiligheid op school en bescherming van eigendom en gezondheid van ieder lid van onze scholen, een ieder op de persoon alsmede diens eigendommen te onder- of doorzoeken.

16. Wij tolereren geen onacceptabel gedrag, zoals pesten, schelden, onbeschaafd gedrag, discriminatie en racisme, intimidatie, diefstal, vandalisme en wapenbezit. (zie verder: onacceptabel gedrag)

17. Handelen in strijd met de artikelen 1 t/m 16 wordt bestraft. Afhankelijk van de ernst van de overtreding die begaan wordt, kan de schoolleiding:

18. In alle gevallen waarin het reglement niet voorziet, beslist de directie. Onacceptabel gedrag In hoofdstuk 2 van de schoolgidsen staan de levensbeschouwelijke en opvoedkundige doelstellingen van de scholen duidelijk aangegeven: ”wij willen ons richten op de humanisering van mens en samenleving, daarbij uitgaande van de evangelische en franciscaanse traditie.” Dit betekent dat wij aandacht hebben voor het menselijk leefmilieu in de breedste zin van het woord en van daaruit hoopvol naar de toekomst willen kijken. Dit uitgangspunt houdt concreet het volgende in:


Dit gedrag is voor ons onacceptabel en wij zullen daar dan ook tegen optreden. Bij onacceptabel gedrag denken wij verder aan:


Tijdens de lessen zal aan het onderwerp ’onacceptabel gedrag’ de nodige aandacht besteed worden. Ter voorkoming van vandalisme wordt in en buiten de school toezicht gehouden. Het gebouw en de inventaris worden goed onderhouden om vandalisme te ontmoedigen.